3.1 Algemene stelregels

  • Weet hoe jouw hond is: brutaal, verlegen, enz.
  • Zorg voor een goed appèl en een goede verstandhouding.
  • Hou de hond aangelijnd als je naar de schapen gaat en ook als je bij de schapen weggaat.
  • Er zijn geen vaste regels die gelden voor elke hond.
  • Ontwikkel jouw inzicht in de eigenschappen van jouw hond.
  • Ontwikkel jouw inzicht in de eigenschappen van de schapen.
  • Wees niet te bang dat er iets misgaat.
  • Wees je bewust van wat je wilt en zorg dat dat gebeurt.
  • Wees creatief in het bedenken van situaties.
  • Wees creatief in het bedenken van oplossingen.
  • Wees creatief in de manier waarop jij jouw hond iets duidelijk wilt maken.
12 uur
Bij het werken met schapen wordt het beeld gebruikt van de klok. Hierbij wordt de positie van de handler altijd aangeduid als 6 uur. De hond kan het beste recht tegenover de handler staan. Dan blijven de schapen immers tussen de hond en de baas in. Deze positie van de hond noemen we 12 uur. Als een hond uit zichzelf deze positie zoekt noemen we dat balans. In de beginsituatie zal 12 uur ook de plaats zijn waar de hond het gemakkelijkste “af” wil liggen.