3.10 Samenvatting

Na twee of drie sessies kan de hond om de schapen heen en gaat hij op commando af. Daarna kan de hond, als jij loopt, de schapen achter jou aan brengen. Als jij een bocht maakt blijft hij in balans op 12 uur. Als jij rond de schapen gaat lopen, gaat de hond ook rond de schapen lopen, hij zorgt ervoor steeds ongeveer op 12 uur te blijven. Als de hond dat heel goed doet, ga je beginnen met de commando’s “linksom” en “naar rechts”. Bovendien ga je al eens een kleine outrun proberen. Als de gelegenheid zich voordoet grijp je de kans om de schapen van je af te laten drijven. En als de gelegenheid zich voordoet geef je een “terug” commando om achtergebleven schapen op te halen. Als deze oefeningen gaandeweg aan elkaar worden verbonden op een ontspannen manier dan wordt het tijd om met scheidingsoefeningen te beginnen.
Na enkele maanden moet de basis voldoende bevestigd zijn en zit je op afstanden tussen de 50 en 100 meter. Train je meerdere keren per week, dan gaat het leerproces natuurlijk sneller. Oefen je één keer per week, dan gaat het natuurlijk langzamer.
Wees niet bang om iets uit te proberen en wees creatief in het bouwen van een samenwerkingsverband tussen jou en jouw hond.